Naar de lesinhoud
EAW · E-learningsEerste module · vrij toegankelijk

Module 1 · AI in de architectuur

Drie typen AI, drie soorten vragen

Circa 6 minuten.

"AI" is voor de architect geen bruikbare categorie. Het woord dekt toepassingen die technisch, economisch en juridisch nauwelijks op elkaar lijken. Drie typen komen in organisaties als Middelveen het meest voor:

  • Voorspellend. Het model leert een patroon uit historische gegevens en past dat toe op nieuwe gevallen: welk wegvak heeft het eerst onderhoud nodig, welke aanvraag is waarschijnlijk urgent. De uitkomst is een score of een klasse. De kwaliteit hangt vrijwel volledig af van de historische data.
  • Generatief. Het model produceert nieuwe tekst, beeld of code op basis van een instructie en een context: een antwoord op een inwonersvraag, een samenvatting van een dossier. De uitkomst is een tekst die overtuigend klinkt, ook als hij niet klopt. De kwaliteit hangt af van de context die je het model meegeeft en van de controle achteraf.
  • Agentisch. Het model voert zelf een reeks handelingen uit om een doel te bereiken: gegevens opzoeken, een systeem bevragen, een concept-brief opstellen en klaarzetten. De uitkomst is een reeks acties. De kwaliteit hangt af van wat de agent mág, niet alleen van wat hij kan.

Waarom dit onderscheid de eerste vraag van de architect is: elk type roept een andere ontwerpvraag op. Bij voorspellend is dat "welke data, en hoe representatief?". Bij generatief "uit welke bronnen, en wie controleert?". Bij agentisch "welke acties zijn toegestaan, en wie keurt goed?". Wie het type niet benoemt, stelt de verkeerde vragen.

De typen combineren in de praktijk. Een chatassistent die ook een afspraak inplant is generatief én agentisch, en de zwaarste vraag van beide geldt.

Drie kaarten naast elkaar voor de typen AI: voorspellend, generatief en agentisch. Elke kaart toont wat het type als uitkomst oplevert (een score, een tekst, of een reeks acties) en de bijbehorende ontwerpvraag die de architect eerst moet stellen.

Verwerkingsmoment. Middelveen overweegt een toepassing die binnengekomen bezwaarschriften samenvat, de relevante wetsartikelen erbij zoekt en een conceptreactie klaarzet in het zaaksysteem. Welke typen herken je, en welke ontwerpvraag weegt het zwaarst?

Richting. Samenvatten en een conceptreactie schrijven is generatief; zelf wetsartikelen opzoeken en iets klaarzetten in het zaaksysteem is agentisch. De zwaarste vraag is de agentische: mag de toepassing schrijven in het zaaksysteem, en wat mag hij daar precies aanmaken? Een conceptreactie die per ongeluk als definitief wordt verzonden, is een fout die niet met een betere prompt te voorkomen is, maar alleen met een beperking op wat de agent mag.

Drie typen AI, drie soorten vragen

Lees het transcript

Het woord "AI" zegt voor een architect bijna niets. Het dekt toepassingen die technisch, economisch en juridisch nauwelijks op elkaar lijken. Bij gemeente Middelveen, de casus van deze cursus, komen drie typen het meest voor. Het eerste type is voorspellend. Het model leert een patroon uit historische gegevens en past dat patroon toe op een nieuw geval. Denk aan: welk wegvak heeft het eerst onderhoud nodig, welke aanvraag is waarschijnlijk urgent. De uitkomst is altijd een score of een klasse. En de kwaliteit van die uitkomst hangt bijna volledig af van de historische data waarop is getraind. Het tweede type is generatief. Dit model produceert iets nieuws: tekst, beeld of code, op basis van een instructie en een context. Bijvoorbeeld een antwoord op een inwonersvraag, of een samenvatting van een dossier. Let op wat hier anders is dan bij voorspellend: de uitkomst is een tekst die overtuigend klinkt, ook als hij niet klopt. De kwaliteit hangt daarom af van de context die je meegeeft, en van de controle achteraf. Het derde type is agentisch. Hier voert het model zelf een reeks handelingen uit om een doel te bereiken: gegevens opzoeken, een systeem bevragen, een concept-brief klaarzetten. De uitkomst is dus geen tekst en geen score, maar een reeks acties. En de kwaliteit hangt af van wat de agent mág, niet alleen van wat hij kan. Waarom is dit onderscheid de eerste vraag die een architect stelt? Omdat elk type een andere ontwerpvraag oproept. Bij voorspellend vraag je: welke data, en hoe representatief? Bij generatief vraag je: uit welke bronnen, en wie controleert het resultaat? Bij agentisch vraag je: welke acties zijn toegestaan, en wie keurt dat goed? Wie het type niet benoemt, stelt vanaf het begin de verkeerde vraag — en krijgt later het verkeerde antwoord op een vraag die nooit gesteld had moeten worden. Dit is geen academisch onderscheid. Het bepaalt letterlijk welk gesprek je aan het begin van een initiatief voert, en met wie. Bij een voorspellend model praat je vroeg met de eigenaar van de historische data. Bij een generatieve toepassing praat je vroeg met wie de bronnen beheert waaruit geput wordt. Bij een agentische toepassing praat je vroeg met wie de bevoegdheid heeft om acties goed te keuren. Drie typen, drie gesprekken, drie andere gesprekspartners. En let op: in de praktijk combineren deze typen. Een chatassistent die ook meteen een afspraak inplant, is generatief én agentisch tegelijk. In dat geval geldt de zwaarste vraag van de twee — in dit voorbeeld dus de agentische. Dat is meteen een waarschuwing: hoe meer typen een toepassing combineert, hoe meer ontwerpvragen tegelijk open staan, en hoe groter de kans dat je er één vergeet. Middelveen overweegt een toepassing die binnengekomen bezwaarschriften samenvat, de relevante wetsartikelen erbij zoekt, en een conceptreactie klaarzet in het zaaksysteem. Neem de tijd om dat voor jezelf te beantwoorden voordat je verdergaat. De volgende video laat zien wat een AI-component fundamenteel anders maakt dan de software die je al kent.

Terug naar het moduleoverzicht

Verder met de volledige training?

In de volledige training werk je door aan de vervolgmodules en bewaar je je voortgang op je account.

Bekijk de volledige training

Al toegang? Ga naar je cursus